Bewust spelen door zangoefeningen

Vorrede

In deze workshop wil ik proberen de voorbereidingen op het spel op een koper blaasinstrument met handige oefeningen naar een eenvoudig en inleefbaar niveau te brengen.
Veel musici kennen het gevoel, dat zij naar het inademen de lucht niet goed naar het instrument kunnen overbrengen. Termen als middenrifademhaling, borstademhaling, buitenste tussenribspieren, abdominaal zus en zo enz. zijn  jouw partituur niet.
De antwoord kun je ook niet naar "aan en uit" terugbrengen.

Lucht (inademen en verkrampt zijn)

Om het inademen te voelen, gebruik ik de stemloze lettergreep "mo" bij het intrekken van de lucht. Deze oefening zou je zittend en staande doen.

Oefening 1: "mo"
(Bij deze oefening voel je het dynamische inademen zeer bewust.)

Om mijn lichaam niet te laten verkrampen, geef ik geen informatie, wat hij moet doen. Hij gaat zich waarschijnlijk eerst via  de buik, dan over de zijden en uiteindelijk tot de borst met lucht vullen en dat is goed zo.
De schouders gaan waarschijnlijk ook met de lucht een beetje omhoog.
(In veel blaasculturen betekenen minimaal opgehaalde schouders vrijwel een "doodvonnis".)

Uitademen en voelen

Omdat de lucht bij het gewone uitademen minder geschikt is voor het spelen op een koperblaasinstrument, gebruiken wij bij het uitademen de stemloze lettergreep "py" en kunnen aanvoelen, hoe onze lichaamsspanning de lucht gecontroleerd laat stromen.
                                                                                              
Oefening 2:  mo        korte adempauze          py 

Ademhaling via de neus en gecontroleerd inademen

Bij de ademing via de neus zou het "mo" intensief gedacht  moeten worden. De mondholte is zo groot mogelijk (net als bij het gapen).

Gecontroleerd inademen

Bij het spel gebeurt het vaker, dat je maar heel kort tijd hebt om in te ademen. De volgende oefening is bedoeld, het inademen te controleren. Wij proberen allereerst, bij oefening 3 binnen vier klappen de gehele lucht capaciteit ("mo") in te ademen. Bij de oefeningen 4, 5 en 6 proberen wij de gehele luchtcapaciteit binnen kortere tijd te verkrijgen.

De afbeeldingen tonen de lineaire lucht stijging met betrekking tot de getelde tijd.

De aanzet op slechte dagen

Heb ik een goede dag en alles is prima of klinkt de eerste toon al naar "vandaag is het zinloos om te repeteren"?

Zoals bij elke sport, hoort bij het repeteren een opwarmfase en je zou moeten  proberen, om met een goede voorbereiding in je "eigen" spel te komen.

Waar is mijn hoofd?

Het best zing ik de toon een keer door het instrument en luister ernaar.
(Om een begrip van de toonhoogte te krijgen, speel ik mij de toon heel kort voor.)

Nu heb ik ongeveer een voorstelling van de toon (hoogte) en zing in mijn instrument met de lettergreep "da" of "ta".

Bij het zingen ben ik volledig geconcentreerd op dat, waar ik net mee bezig ben. Ik vind het moeilijk, om te zingen en tegelijkertijd nog een tweede gedachte te volgen. (Bij beginners zie je, dat zij heel snel kinderliedjes na kunnen spelen, omdat ze de stukken "uit het hoofd" kennen en ook kunnen zingen.).
Met de ingebeelde toon "da" of "ta" in het hoofd, beweeg ik tegen het mondstuk mijn lippen heel langzaam naar elkaar toe, tot de toon "bijna automatisch ontstaat en via het mondstuk op mijn instrument wordt versterkt. (Met deze oefening moet je maar net zo veel lipspanning opbouwen, als je voor deze toon nodig hebt.).

Voorbeeld:
1. Ik til de muzieklessenaar op en kijk naar de spieren van mijn hand. Bij het optillen, spannen de spieren zich en houden de lessenaar vast. Na het neerzetten zijn de spieren van de hand weer ontspannen.
2. Ik span eerst mijn spieren en til dan de muzieklessenaar op. Na het neerzetten heb ik een veelvoud aan spierkracht besteed, om een muzieklessenaar op te tillen.
Conclusie: Alleen wanneer ik de muzieklessenaar optil, gebruik ik de spieren. Bij deze voorbeelden heb ik dezelfde voorbereiding in gedachten: "ik til de muzieklessenaar op". Het resultaat is in alle twee gevallen hetzelfde, de muzieklessenaar werd opgetild.

Toon en klank

Vraag: Welke voorbereiding in mijn verbeelding heb ik nodig voor het spelen, hoeveel lichaamsspanning is ervoor nodig en wat heeft dit met toon en klank te maken? Klinkt de toon overspannen, dan ligt de oorzaak meestal aan verkramptheid in de buik, de hals of de mondholte. Wanneer ik niet speel, zijn de spieren alleen in voorbereiding en niet gespannen. Mijn hersens is met de tonen bezig. Mijn lichaam reageert helemaal natuurlijk en stuurt zelfstandig de spieren, zonder primaire bevelen voor de spieren (muzieklessenaar) te ontvangen.

Conclusie: het quasi zingen van de tonen of de melodie, werkt de voortdurende commando's, om de spieren aan te spannen, tegen en mijn toon klinkt open. Mijn lichaam doet veel dingen gewoon goed, als ik continu train.

Zacht en andere geluidsvolumes

Rituelen bij het dagelijks repeteren, bekwamen mij niet alleen, om op mijn instrument te spelen, maar zij versterken ook het algemene zelfbewustzijn aanzienlijk.

Mijn opwarmoefening heeft ook een muzikale betekenis en leidt achter elkaar gespeeld tot het motief van de gehele kwart- ofwel kwintencirkel. De noten zijn: c, f, b, es, as, des, ges, b, e, a, d, g, c.
Iedereen moet voor het opwarmen zijn eigen manier vinden en verder ontwikkelen.
De eerste contact met mijn instrument is steeds* (zoals boven omschreven) een zachte benadering (lucht, lippen "da, e, i, o, u", alles heel langzaam en verbonden). Voor de visuele controle loopt mijn stem apparatuur steeds mee.
Wat het instrument betreft begin ik met het gemiddelde klankregister  van de toon f en beland pas op het einde op de c. Vervolgens speel ik voorlopig het lager  klankregister (instrumenten zonder kwartventiel spelen in het lager register subtonen) en dan het hoger klankregister (in het begin "zacht" en vervolgens andere geluidsvolumes).

opwarmoefening

Toonhoogte (ontspannen tussen twee tonen)

Afgezien van natuurtalenten moeten de meeste mensen die een instrument spelen heel intensief repeteren, om over het gehele klankregister goed te spelen.
Vaak is het geluidsvolume naast mijn oor heel hard en ik hoor van mijn toon, afhankelijk van de afstand tot de klankbeker, bijna niets meer.
Als ik probeer om nog harder te spelen, heb ik heel snel geen lucht meer.

Mijn tegenmiddel: weg van het geluidsvolume en zing de tonen, zoals in de oefeningen, quasi inwendig en probeer, om tussen de tonen te ontspannen (oefening met de muzieklessenaar).
Na deze korte inspeel-fase (ongeveer 5 minuten) begin ik feitelijk te repeteren. Ik speel de moeilijkste thema’s, ik hou me met nieuwe stukken bezig of repeteer de aanstaande concertprogramma’s.


En nu nog veel plezier...


Paul L. Schütt         


Infos:
www.poni-records.de
Paul L. Schütt studeerde volgde aan de erkende Hochschule für Musik und Darstellende Kunst Mannheim de opleiding orkestmuziek. Jarenlang was hij vast lid van de SWR Big Band (SDR) Stuttgart. Daarna doceerde hij op de Johannes Gutenberg-Universität in Mainz en de  erkende muziekakademie voor Jazz en Populairmuziek FMW Frankfurt.  Na zijn tweede doctoraal examen (Staatsexamen) in  2007 (onderwijs gymnasium) gaf hij muziekles op de Integrierte Gesamtschule Rockenhausen.
Schütt speelde onder meer bij de hr-Bigband, NDR Bigband, RIAS Berlin, bij Dieter Reith, Max Greger (junior en senior), Paul Kuhn zoals bij Peter Herbolzheimer.
Naast aktief Jazz-trombinist, Big Band-Leader, componist, arrangeur en docent te zijn, exploiteert hij een opnamestudio en publiceert hij vakboeken.